Liesbeth Van Impe © Filip Van Roe

“Als alles onder druk staat, doen de keuzes die je maakt er écht toe”

  • Beeld: © Filip Van Roe

Opinie Liesbeth Van Impe

Uittredend algemeen hoofdredacteur Nieuwsblad/De Gentenaar en Gazet van Antwerpen

Na bijna vijftien jaar als hoofdredacteur, eerst van het Nieuwsblad, recent ook van Gazet van Antwerpen, keer ik helemaal terug naar mijn oude liefde: de journalistiek. In het volle besef dat in deze stiel alles onder druk staat en niets nog evident is. Bedenkingen op een kantelpunt.

Het komende jaar ben ik in New York te vinden. De VS gelden intussen als een schoolvoorbeeld van hoe snel zekerheden kunnen verdwijnen. De vrije pers als zelfverklaarde luis in de pels van de macht was er altijd een evidentie. Ze is er vandaag nog altijd, maar ze is niet meer vanzelfsprekend. In de collusie tussen pragmatische media-imperia en grillige machthebbers nestelt zich een strategisch zwijgen, een bang wegkijken en soms een opportunistisch meesurfen. Het heeft een dubbel effect. Veel journalisten wikken en wegen hun woorden. En tegelijk is het nooit zo belangrijk geweest om de feiten, le mot juste, de moeilijke inzichten te zoeken en te delen.  

Het is makkelijk om de VS als de aberratie te zien, waar de knipperlichten van de democratie op oranje staan. Maar ook in onze contreien staat de journalistiek onder druk. Met Pluralis steunen we kranten in Centraal-Europa, waar de evidentie van vrije pers even snel weer kan verdwijnen als ze gekomen is. En ook hier voelen we de druk, nu economische en politieke machthebbers andere kanalen hebben om hun boodschap te verspreiden en we allemaal verzuipen in “content” die met andere bedoelingen geconcipieerd is dan waarheidsvinding.  

Een tijd van kantelpunten

Maar laat dit geen klaagzang over de staat van onze stiel zijn. Persoonlijk sta ik op een kantelpunt, maar was 2025 dat ook voor onze wereld? We leven in een tijd van verandering, dus elk jaar voelt op zijn manier wel als een soort van kantelpunt. Dan wordt het belangrijk uit te zoomen, los te komen van het moment en de diepere evoluties te zien die wegen op wat we doen. Explosies leveren makkelijk te vullen bomkraters op, erosie heeft ons de Grand Canyon gegeven.  

Zo is het niet nieuw dat het economische model achter de journalistiek onder druk staat. Nadat digitale media met de advertentie-inkomsten gingen lopen en sociale media met de tijd en aandacht van onze lezer, plunderen de LLM’’s of Large Language Models nu onze basisgrondstof: de teksten die we schrijven. Gelukkig trekken we ook lessen uit het verleden. De grote techspelers zijn niet langer louter de herauten van opwindende vernieuwing, maar concurrenten waartoe we ons moeten verhouden. We zijn een pak naïviteit kwijtgespeeld, gelukkig maar. Die toegenomen realiteitszin is geen garantie voor een gezond ecosysteem waarin wat we doen letterlijk naar waarde geschat wordt, maar het is wel een basisvoorwaarde.  

Ook journalistiek moeten we ons tot AI verhouden en dat wordt geen makkelijke opdracht. Blind omarmen doet ons opgaan in die naamloze zee van “content”, gedachteloos verwerpen maakt van ons moderne luddieten, zelden de winnaars van de geschiedenis. Om het juiste evenwicht te vinden moeten we vooral goed begrijpen wat ons juist onderscheidt, wat we precies doen. 

Al te vaak hoor ik al te binaire opdelingen. AI zal ons helpen om datasets uit te vlooien, ideeën op te doen, efficiënter te schrijven. Dat klopt. Maar de idee dat research finaal de perfecte prompt oplevert waaruit naadloos teksten kunnen voortvloeien is een verkeerd begrip van het journalistiek proces. Wat met het denken dat pas vorm krijgt door het zoeken naar woorden, het inzicht dat pas neerdaalt door onderzoek, de serendipiteit van zoeken naar betekenis in een complexe wereld? AI zal ons helpen om teksten te editen, vrij te maken van spelfouten en kromme zinsconstructies. Dat klopt. Maar wat met het ambacht om echt in een tekst te zitten en die tot iets beters te smeden? We kunnen AI maar juist inzetten als we echt begrijpen wat we doen en het belang ervan inzien.  

“In een wereld waar alles 'content' is, kan journalistiek iets anders zijn”

Liesbeth Van Impe

Een tijd van hoop door vastberadenheid

Uitdagingen genoeg dus. De businesskant ervan laat ik nu achter, maar na vijftien jaar ben ik niet alleen moe, maar ook hoopvol. Kunnen we de volgende golf van verandering aan? We hebben de voorbije twee decennia alvast goed kunnen oefenen. We kunnen dit, want we hebben het al gedaan.  

De terugkeer naar voltijds schrijven en podcasten bekijk ik dan weer met nerveuze opwinding. Journalistiek is ook altijd een worsteling met de wereld zoals die nu is, een oefening in kritisch omarmen, een verhouding zoeken tot de tijd waarin je leeft. Meer dan ooit geldt dat onze grootste vijand zelfgenoegzaamheid is. Group think, misbegrepen politieke correctheid, de verlokking van access in ruil voor kritische zin … het zijn fouten waarop we genadeloos worden afgerekend. Misschien niet in de eerste plaats door algoritmes die mensen graag in bubbels opsluiten door hen op voorhand al gelijk te geven, maar in de ogen van zij die begrijpen dat journalistiek altijd wat moet schuren.  

Maar ik ben dus wel hoopvol. In een wereld waar alles “content” is, kan journalistiek iets anders zijn. Er zit waarde in een ruimte waar feiten gecheckt zijn, meningen uitgedaagd worden en kritische zin in de eerste plaats geldt voor wat we zelf maken. Daar voldoende mensen van overtuigen wordt een uitdaging voor heel Mediahuis én de redacties. We kunnen daarin slagen, als we vastberaden en beginselvast zijn. 

Een tijd vol bedreigingen is tegelijk een tijd waarin het ertoe doet welke keuzes je maakt. Waar het verschil gemaakt wordt tussen lippendienst en echte overtuigingen, zelfs wanneer die principes geld, moed en energie kosten.